FFT Nederland - Home  
 
 
  • Foto 1
  • Foto 2
  • Foto 3
  • Foto 4

Contra-indicatie

Uit bovenstaande indicatiecriteria is af te leiden voor welke jongeren FFT een geschikte interventie wordt geacht om de kans op nieuwe delicten te verkleinen.
Wanneer er sprake is van (zeer) ernstige psychosociale problematiek, veel delictgerelateerde vaardigheidstekorten en/of individuele risicofactoren of risicofactoren in de sociale omgeving van de jongere die met FFT niet beïnvloed kunnen worden, is FFT alleen niet afdoende. In dat geval kan een traject waarbij de FFT één van de in te zetten interventies is, mogelijk uitkomst bieden. FFT kan daarbij de eerste interventie in het traject zijn, aangezien FFT gebruik maakt van een krachtige verbindings- en motivatiefase.

 

In de volgende situaties kan FFT alleen in combinatie met andere interventies ingezet worden:
 

a) Jongere ontbeert adequate dagbesteding (opleiding en/of werk) en vrijetijdsbesteding
Bij jongeren zonder adequate dag- en vrijetijdsbesteding is naast FFT minimaal ambulante begeleiding van de jeugdreclassering, bijvoorbeeld in de vorm ITB (Intensieve TrajectBegeleiding) noodzakelijk. Deze begeleiding is gericht op het regelen van adequate dag- en vrijetijdsbesteding.

 

b) Er is sprake van problemen op te veel risicodomeinen. Het gaat dan om 3 of meer van de 5 onderstaande problemen:

- Geen sociaal netwerk

- Geen toezicht

- Geen pedagogische vaardigheden ouders

- ‘Zuigende’ deviante peergroep

- Schoolproblemen


In het geval van 3 of meer van bovenstaande problemen zal FFT gecombineerd moeten worden met begeleiding vanuit de jeugdreclassering, bijvoorbeeld ITB of zal Multi Systeem Therapie (MST) overwogen worden. MST is een intensieve, ambulante behandeling (gemiddeld 3 tot 5 maanden) gericht op jongeren met ernstig antisociaal en delinquent gedrag die op het punt staan om uit huis geplaatst te worden. MST richt zich op alle risicofactoren die samenhangen met dit probleemgedrag. Door het sociale systeem rond een jongere te versterken in probleemoplossende en opvoedkundige vaardigheden wordt de jongere gestimuleerd zijn gedrag te veranderen. MST richt zich vooral op ouders en andere sleutelfiguren uit de omgeving van de jongere, maar meestal wordt ook gewerkt aan het vergroten van vaardigheden van de jongere zelf, het functioneren op school en de omgang met prosociale leeftijdsgenoten.

 

c) Er is sprake van huiselijk geweld.
In het geval van huiselijk geweld zullen eerst interventies gepleegd moeten worden om de veiligheid te herstellen. In de tussentijd kan een jongere elders verblijven. Bij terugkeer naar huis na een residentiële behandeling wordt altijd afgewogen of de thuissituatie veilig is; indien niet dan wordt de jongere elders geplaatst.


In de volgende gevallen is FFT niet geïndiceerd:


a) Ouders stimuleren of dwingen jongere tot criminaliteit.
Als ouders de jongere stimuleren of dwingen tot crimineel gedrag zal FFT niet afdoende zijn.


b) Ernstige symptomen van psychopathologie of verslaving die aan de delictpleging(en) ten grondslag liggen.
Jongeren met psychotische symptomen, suïcidaal en homicidaal gedrag en jongeren met psychiatrische stoornissen als een contactstoornis of schizofrenie komen niet in aanmerking voor FFT als gedragsinterventie. Dergelijke vormen van psychopathologie vragen om andersoortige behandeling; FFT is hiervoor ontoereikend. Wanneer verslavingsproblematiek de (primaire) oorzaak is voor delinquent gedrag, ligt een interventie gericht op de aanpak van het drugsgebruik meer voor de hand dan FFT. Bijvoorbeeld Multidimensionele Familietherapie (MDFT). MDFT is een vorm van systeemtherapie plus ‘bemoeizorg’ van + 6 maanden, met 2 tot 3 sessies per week. De behandeling richt zich op jongeren met een combinatie van delictgedrag en verslavings¬problematiek. Doel van MDFT is afname van delictgedrag (vermindering van recidive) en daarnaast ook van ander probleemgedrag. Nevendoelen zijn: beter functioneren van de jongere in het gezin, op school of werk en in de buurt, met leeftijdsadequate vrijetijdsbesteding, en met gezonde relaties met leeftijdgenoten.
FFT kan soms wel ingezet worden om de jongere toe te leiden naar een andere behandeling, gezien de verbindings- en motivatiefase van FFT. Afhankelijk van het aanbod van een instelling kan FFT soms gecombineerd worden met een psychiatrische interventie en/of verslavingszorg.
 

c) Jongere woont elders dan de ouders én de termijn waarbinnen jongere weer deel kan uitmaken van het gezinssysteem bedraagt meer dan 2 sessies of (bij Re-entry) de termijn waarbinnen jongere weer deel kan uitmaken van het gezinssysteem bedraagt meer dan 3 maanden en/of de jongere is minder dan ééns per veertien dagen twee dagen en twee nachten thuis bij zijn ouders.


d) Er zijn omstandigheden die een actieve deelname aan FFT in de weg staan.

  1. Er is geen opvoeder die de jongere kan stimuleren aan FFT deel te nemen. Jongeren hebben een volwassene nodig die hen stimuleert naar de sessies te komen.
  2. Jongere en/of ouders spreken geen Nederlands, tenzij de therapeut de taal van de jongere en ouders spreekt of er gewerkt wordt met een tolk.
  3. Actieve tegenwerking van de jongere of ouders: ouders en/of jongere verschijnen (aanhoudend) niet op afspraken.

Wanneer de jongere reeds eerder FFT opgelegd gekregen heeft, is de vraag waarom een eerste keer FFT onvoldoende gewerkt heeft om recidive te voorkomen en waarom succes te verwachten valt van een tweede keer FFT. Factoren die een rol kunnen spelen, zijn bijvoorbeeld andere leeftijdsfase, terugval in oude problemen, eerste uitvoering FFT voortijdig afgebroken vanwege detentie en veranderingen in het gezin. Afhankelijk van de wijze waarop de eerste keer FFT afgesloten is, is ook de vraag aan de orde of inzet van dezelfde therapeut juist wel of niet wenselijk is.
Wanneer blijkt dat een jongere onterecht is aangemeld voor FFT, zal de FFT-therapeut contact opnemen met de degene die FFT heeft geïndiceerd om te overleggen hoe dit probleem op te lossen.

 


 


IJsbaanpad 6, 1076 CV Amsterdam, Tel: 020 8901970, info@fft-nederland.nl De Bascule