Effectiviteit van FFT
De effecten van FFT zijn onderzocht bij diverse cliëntgroepen en bij verschillende uitvoeringscondities. Wat betreft cliënten gaat het om jongeren en gezinnen met verschillende etnische en sociaal economische achtergronden en verschillende problemen (gedragsproblemen, agressie en drugsverslaving). Wat betreft uitvoeringscondities is FFT onderzocht in gecontroleerde universiteitsklinieken en in reguliere instellingen. Het onderzoek omvat zowel traditioneel klinisch onderzoek (clinical trial) met matched control groep designs als effectstudies naar de resultaten wanneer FFT eenmaal geïmplementeerd is in de klinische praktijk van alledag.
Uit de verschillende studies komt naar voren dat FFT effectief kan zijn in het terugdringen van recidive. Percentages van tussen 26% en 73% reductie van recidive zijn gevonden bij licht, gemiddeld en zwaar delinquente jongeren; jongeren die FFT hadden gehad werden hierbij vergeleken met jongeren die geen behandeling hadden gekregen, als ook jongeren die alleen begeleid werden door jeugdreclas¬sering (Alexander, et al., 2000; Sexton et al, 2003). In een grootschalig, gerandomiseerd onderzoek in Washington State, leverde FFT, mits op juiste wijze door competente therapeuten toegepast, in vergelijking tot een ‘treatment as usual’ (TAU) conditie, een statistisch significante reductie van 38 % recidive op (Barnoski, 2004; zie ook hieronder).
Gordon (1995) vond dat de positieve resultaten van FFT stabiel bleven in een periode van vijf jaar: na een follow-up periode van 2½ jaar bleek 11% van de FFT-jongeren gerecidiveerd te hebben tegen 67% van de controlegroep. Nog eens 2½ jaar later waren deze cijfers (nieuwe feiten) 8,7% en 41%.
Studies gericht op drop-out cijfers van verschillende behandelingen, laten zien dat FFT succesvol is in het engageren van gezinnen: dit luit FFT-therapeuten bij 78% (22% drop-out cijfer, Sexton, et al, 2000) tot 89% (11% drop-out cijfer, Sexton et al, 2003) van de gezinnen. FFT lijkt ook invloed te hebben op broertjes en/of zusjes van de betreffende adolescent (Klein, Alexander, & Parsons, 1977).
Kosteneffectiviteitsonderzoek van het Washington State Institute for Public Policy laat zien dat FFT een opbrengst van $2.77 per besteedde dollar oplevert. (De opbrengst betekent: besparing op kosten die criminaliteit met zich meebrengt.) Wanneer uitsluitend naar de opbrengst van competente uitvoering van FFT (hoge programma-integriteit) wordt gekeken, is de effectiviteit en daarmee de opbrengst hoger: $10,69 per besteedde dollar (Barnoski, 2004). Daarmee bevindt FFT zich wat betreft interventies voor delinquente jeugdigen in de groep met de hoogste kostenbesparing.
De positieve resultaten van FFT hebben ertoe geleid dat het ‘Center for Substance Abuse Prevention’ (CSAP) en de ‘Office of Juvenile Justice and Delinquency Prevention’ (OJJDP), FFT gekwalificeerd hebben als een model programma voor zowel preventie van zowel middelenmisbruik als delinquentie (Alverado, Kendall, Beesley, & Lee-Cavaness, 2000). Het ‘Center for the Study and Prevention of Violence’ (CSPV) heeft FFT aangewezen als een van de inmiddels twaalf (van de meer dan 1000 die beoordeeld zijn) ‘Blueprint’ programma’s (Elliott, 1998). FFT is een bewezen effectieve interventie die voldoet aan de huidige (Amerikaanse) criteria voor empirisch gevalideerde behandelingen (Sexton & Alexander, 2001). De ‘U. S. Surgeon General’ heeft FFT benoemd tot één van de vier “level I intervention programs” die succesvol zijn in de behandeling van gewelddadige jongeren.
|